Stelling 75
De dagen gaan open en dicht.
Twee pinguïns staan op het ijs.
De een zegt: ik vind het zo’n sleur
hier. Zegt de ander: dan gaan we
op reis. En dus trippelden ze gebrild
en met rugzak naar Rome,
Milaan. Amsterdam werd ook
aangedaan. Na een maand vonden
ze het welletjes. Logies was een
ding, want niet beschikbaar voor
pinguïnstelletjes. Ook het eten
stond ze niet aan. Dus terug ging
het weer, naar het ijs. En daar staan
ze nu heel voldaan hun dagen te
slijten en te pochen over hun reis.
Voor Arthur, Katherina, Victoria en Miro