Stelling 31
Die keer dat ik niets had te
zeggen maar dat toch deed
staat in mijn geheugen gegrift.
Opeens verscheen uit de
stilte en zinsnede, een woord.
Was het om de ledigheid te
vullen die ontstaat bij gebrek
aan achtergrondgeluid en gedruis?
En had het wat om het lijf?
Ik weet het niet meer. Ik zat met
mijn iPad achter mijn werktafel
en besloot niet langer te zwijgen.