Nestwarmte
Lang, lang geleden, toen ik nog niet wijs was en bovendien net gescheiden, bezocht ik met een vriend het complex van de Bhagwanbeweging in het Gelderse Wezep. Bij aankomst werden we door twee in het oranje gestoken vrouwen omhelsd en op de mond gekust, waarna we met veel egards werden binnengeloodst in de schoot van een ‘beweging’ die ons de hele middag overlaadde met positieve en hartverwarmende aandacht zodat we dronken en met tegenzin aan het eind van de dag weer vertrokken richting de nuchtere wereld.
Uiteraard was de liefde die we op die middag ervoeren niet echt. Het was een manier om nieuwe sannyasins te werven en mogelijk ook onze banktegoeden, je kunt dat nooit zeker weten. Die nuchterheid kwam bij mij vrij snel toen ik een nieuwe liefde ontmoette die toevallig – toeval bestaat – uit dezelfde plaats kwam en allerlei verhalen gehoord had.
Hoewel het mij als kind in mijn ouderlijke gezin niet aan nestwarmte heeft ontbroken, heb ik door mijn korte Bhagwanavontuur toch een zekere reserve overgehouden jegens sektarische warmte. Dat leidde tot een afstandelijke houding in mijn werk, waar corporate waarden een wereld in het klein vormden, en ook – moet ik in alle eerlijkheid zeggen – in andere verenigingsverbanden die ik ervan verdacht een eigen identiteit na te streven en mij daarin te willen inlijven.
Bij een medewerkersbijeenkomst van Meander in Haarlem hoorde ik iemand schertsend opmerken dat Meander een familie was met een zorgzame moeder aan het hoofd. Hoewel ik heel goed wist dat de opmerking schertsend bedoeld was en dat de ‘moeder’ in kwestie voldoende professionele afstand hield, afstand houdt en altijd heeft gehouden, moest ik toch even terugdenken aan 1983, aan dat oranje dorp met zijn van dubbelhartige liefde overlopende swami‘s.
Prima! De ene nestwarmte is de andere niet. Als medewerker van Meander – ik lever maandelijks een column aan – voel ik mij opgenomen in een club van gelijkgezinden die geen verborgen agenda’s hebben. Wat ons bindt, is de liefde voor de dichtkunst en het bieden van een podium aan talent dat nergens anders op beoordeeld wordt dan op dat talent. Ik beschouw dat als een groot goed en vind het een voorrecht eraan te mogen meewerken. Niet in het minst omdat ik bij mijn eerste medewerkersdag in Alkmaar door niemand omhelsd en op de mond gekust werd, maar gewoon vriendelijk werd begroet met de vraag: ‘Wil je koffie?’
Fotocredit:
• © Osho Tapoban
________________________________
(12 juli 2025)